hr
jaargang -25 - laatste artikel 7-7 18:00 - 78041 artikelen -

Home
Forum
Lid worden

Leden
Gebruikersnaam:

Wachtwoord:

Login onthouden

Login via:
Wachtwoord vergeten.

Het Forum

· [MED] Mededelingen
· [SUG] Suggesties
· [M&S] Moppen/Spelletjes
· [CUL] Kunst & Cultuur
· [OFT] Offtopic
· [G&C] Games & Computers
· [WMO] Wat me is overkomen
· [VDS] Vragen des levens
· [POL] Politiek
· [CON] Consumenten forum


Consumenten Forum, met welk bedrijf moet je wel/niet zaken doen


1 2 3 [4]

Dierenambulance 6

11-06-26 13:28:17 - Quote! - @Emmo
Emmo
Stamgast


WMRindex: 73.146
OTindex: 28.927
10.6. Schreeuwlelijk in een flat
Die nieuwe melding gaat over een vogel die in een appartementencomplex een zodanige herrie loopt te maken dat de bewoners geen oog dicht doen. En dat al twee dagen lang. We kijken elkaar aan. Dat moet dan wel een héél erge schreeuwlelijk zijn. Goed. We gaan die kant op en dan zullen we het wel zien.
Het adres blijkt een appartementencomplex nabij een ijsbaan. Met de huidige temperaturen is dat een groot grasveld. We zetten de bus neer en stappen uit. Een aantal bewoners, oudere mensen, staan ons al op te wachten.
We worden binnengelaten. Het complex blijkt in een vierkant gebouwd, met een groot atrium in het midden. Aan één zijde is een grote glaswand met open deuren. Daar trippelt een jonge scholekster. Dat is de boosdoener. Hij is nog zo jong dat hij niet kan vliegen, maar lopen kan ‘ie als de beste.
Beestje rent voor me uit langs een grote bloembak die in het midden van het atrium staat. Ik vraag chauffeur om om te lopen, zodat we het beest kunnen insluiten. Appartementen aan ‘’en kant, bloembak aan de andere. Chauffeur van achteren en ik van voor.
Dat gaat boven verwachting goed. Scholekster probeert tussen appartementen en mij te vluchten, maar met één zwiep van het meegebrachte schepnet heb ik hem te pakken. Chauffeur brengt een transportbox type bovenlader. Beest erin en klaar.
Niet helemaal. Wat te doen met een jonge, ogenschijnlijk gezonde, scholekster? We praten met de bewoners. Die vertellen dat er boven het atrium, open van boven, een vogel aan het rondvliegen is. Naar de beschrijving óók een scholekster.
Prima. Tien tegen één is de jonge scholekster van het dak in het atrium gevallen en probeert nu op het harde beton met z’n snavel wormpjes en insecten te zoeken. Vandaar die herrie. Het galmt flink in dat atrium. Vader en moeder scholekster proberen hu kroost te helpen maar durven niet naar beneden te komen. Dat is ze waarschijnlijk toch te benauwd.
In overleg met de bewoners, die vol bewondering waren over ons kordate (meer geluk dan toeval, niet verder vertellen) optreden waren het beestje naar buiten gebracht. Losgelaten naast de ijsbaan. Een minuutje later komt vader of moeder scholekster van het dak naar beneden vliegen en gat op de ijsbaan naar wurmpjes zoeken. Dat komt vast goed.
Eerst maar eens de bus opladen en tegelijk een mok koffie naar binnen slaan. Dan naar huis.

12-06-26 12:52:03 - Quote! - @Emmo
Emmo
Stamgast


WMRindex: 73.146
OTindex: 28.927
10.7. Jonge buizerd en een specht
Tegen vieren in de middag komt een volgende melding. Een buizerd met een hangende vleugel. Deze melding is in de andere regio. We zijn nog maar net onderweg en er komt alwéér een melding door. Dit keer een specht, óók met een hangende vleugel. Kort overleg over de te volgen route. Conclusie: eerst de buizerd, dan de specht en dan, indien nodig, samen naar de opvang.
De buizerd bivakkeert in het buitengebied, op een omgebouwde boerderij. Wij staan te stunten met het hekje, “hoe gaat dat kreng open?” als de melder al naar buiten komt met de buizerd in een doos. Chauffeur pakt het dier uit de doos en bekijkt het. Het is een jong dier. Gelukkig maar, want hij heeft nog niet veel kracht in de klauwen. Chauffeur had geen handschoenen aan.
Zo oppervlakkig is er weinig aan te zien, maar er is toch een lichte beschadiging aan de linkervleugel. Jong dier, beschadigde vleugel, dat is toch echt een kandidaat voor de opvang. Hij is niet in staat z’n eigen voedsel te zoeken en in deze toestand verwachten we ook niet dat de ouders genegen zijn te helpen.
Buizerd gaat in één van de grotere transportboxen, nemen afscheid van de melder en gaan verder naar de specht. Als we komen aanrijden loodst Domdommetje ons een doodlopend pad in op een kruising tussen een camping en een bungalowpark met chalets en vaste stacaravans.
We lopen wat heen en weer op zoek naar het juiste huisnummer, maar dat is niet te vinden. We komen langs een soortement chalet waar een man staat te barbecueën. Wij vragen. Mijnheer is heen behulpzaam maar weet het ook niet. Kan het op internet, Google Maps, ook niet vinden.
We lopen weer terug en ik loop een stukje richting rivier die vlak langs het park loopt. Bij de stuw is wat volk bezig. Ik vraag weer en de eigenaar of huurder van het nabijgelegen huisje wijst in de richting van de weg die we volgens hem hebben moeten. We stappen in de bus en rijden die kant op. De weg hebben we nu gevonden. Nu het huisnummer nog. De nummering is volstrekt onoverzichtelijk en veel gebouwen hebben geen nummer.
We zetten de bus weer neer, chauffeur loopt de ene kant op en ik de andere. Ik loop door tot het begin van de weg en vind niets. Dan hoor ik chauffeur roepen. Zij heeft het gevonden. Een cafeetje met een terras waar drie oudere mannen in het zonnetje zitten. Één van de mannen, de melder, loopt naar binnen en haalt de specht, die zo lang in een doos geplaatst is.
Als we de doos openmaken ligt het dier op de rug. Het is een jonge specht, maar ook daarvan mag je verwachten dat ‘ie op de poten kan staan. Totdat melder vertelt dat ‘ie met een knal tegen het raam was gevlogen. Misschien heeft ‘ie daar wat van overgehouden. Hersenschudding of zoiets. Beest zit redelijk in de veren en kan behoorlijk fladderen, al komt ‘ie niet van de grond.
Ook deze doen we in een, wat kleinere, transportbox. Beest fladdert wat en de ene keer staat ‘ie op de poten en drie tellen later ligt ‘ie weer op de rug. Gek beest. Maar daar mogen ze op de opvang zich druk over maken. We bellen de opvang. Er is niemand thuis, maar we kunnen de beesten in de witte schuur plaatsen. De witte schuur is voor quarantaine en eerste opvang.
Op de opvang zetten we de buizerd in één van de kooien. Specht komt in een kleinere kooi en gaat gelijk weer op z’n rug liggen. Beheerder komt met een goed uur wel langs en dan kan die er naar kijken.

18-06-26 10:44:22 - Quote! - @Emmo
Emmo
Stamgast


WMRindex: 73.146
OTindex: 28.927
10.8. Piepjonge weet-ik-veel
Net toe we weg wilden rijden bij de opvang komt er weer een melding door. Jong vogeltje, mogelijk een mus, op straat aangetroffen maar nest niet gelokaliseerd. Goed, we zitten met de prik voor de bus en de overdracht.
Gezien het adres van het vogeltje besluiten we, ook in overleg met centrale en aflosser, dat we eerst naar het vogeltje gaan en dan afhankelijk van de situatie, eerst het vogeltje naar de opvang brengen of anders bus laden, overdracht doen en dán het vogeltje afhandelen. Dat mag in dat geval de aflosser doen.
Centrale had een vrij uitgebreid gesprek gehad met de melder, die niet wist wat hij er mee aan moest. Volgens melder had het beestje honger. Niet ongebruikelijk met jonge vogels. Advies van centrale was, als het inderdaad een mus betrof, pieren voeren. Melder: “Een hele pier is te groot voor het beestje”. Centrale “Dan de pier in stukjes knippen”. Die conversatie kregen we in geuren en kleuren van de centrale te horen, compleet met, niet publicitair, commentaar van de centrale.
We komen bij het adres aan. Een jong gezinnetje, man, vrouw en een peutertje. Mijnheer de melder is inderdaad pieren gaan steken en heeft het beestje stukjes pier gevoerd. Knap werk. Op het aanrecht een mes, een pincet en stukjes pier op een snijplank, vogeltje in een doos ernaast.
Vogeltje is compleet kaal, nog geen donsje te bekennen. Goed beschouwd een wonder dat het nog leeft. Maar goed beschouwd, met zoiets kunnen we, en ook de opvang, niets. De verzorging van zo’n piepjong beestje is te intensief en te bewerkelijk.
Maar dat kunnen we menselijkerwijs niet aan de melder vertellen. We bedanken hem voor de goede zorgen en vertellen dat we er voor zullen zorgen. Hoe, dat zeggen we er niet bij, dat weten we zelf nog niet eens. Mijnheer heeft erg zijn best gedaan en dat mag best gewaardeerd worden.
Terug in de bus leggen we het beestje in de couveuse en rijden naar de oplader. Onderwijl hebben we de aflosser ook al ingeseind. Die woont op loopafstand van de lader en komt, als wij tijdens het laden aan de koffie zitten, aanzetten.
We vertellen het verhaal en als de bus vol is, een kwartiertje later, laten we het diertje in de couveuse zien. Amper zichtbaar op de handdoek die we in de couveuse hebben liggen. We dragen het beestje over aan de aflosser, Ik wordt thuisgebracht en chauffeur en aflosser gaan verder.
Hoe het verder met het beestje is afgelopen heb ik later niet meer meegekregen.

19-06-26 14:35:54 - Quote! - @Emmo
Emmo
Stamgast


WMRindex: 73.146
OTindex: 28.927
11. Stinkend als een beer
11.1. Ziek, zwak en misselijk
Vrij laat in de ochtend komt de eerste melding van de dag. Volgens zeggen een gewonde kat die door de meer was gevonden en in huis genomen. Melder is niet thuis wegens sociale verplichtingen maar had op een beschreven plek de sleutel neergelegd. We kunnen met de sleutel het huis binnen. De kat zou op een handdoek in het halletje liggen.
Goed. Onderweg filosoferen we even over veiligheid en privacy, maar we concluderen dat melder voldoende goed van vertrouwen is. Het adres is in een wat nieuwere wijk met een ontzettende kruip-door-sluip-door toerit. Helemaal aan het einde moeten we zijn.
Bus neerzetten en de huizen tellen. Nummering is in orde en op de beschreven plaats vinden we de sleutel. De deur open, voorzichtig om te voorkomen dat een eventuele kat aan de haal gaat, en daar in het halletje ligt een handdoek. Geen kat.
Verlichting in de hal is niet zo best en het ligt bovendien vol met kinderlaarsjes en meer van dat spul. Bijlichten helpt. Het blijkt een egaal donkergrijze kat te zijn die zich onder het schoenenrek verstopt. Blazen als een gek en met de klauwen hoog.
Uit voorzorg had ik al handschoen aangedaan. Kat klauwt me in de handschoen en zo trek ik hem (het blijkt later een kater te zijn) onder het rek vandaan. Chauffeur opent de transportbak ik ik drapeer hem in de bak. In aanmerking genomen dat ‘ie zo te keer gaat is ‘ie makkelijk in de bak te plaatsen. Hij heeft ook geen intentie om er uit te springen. Teken dat het dier er toch niet zo best aan toe is. Bovendien ruikt ‘ie op een manier dat een gewone kat niet ruikt. Kort gezegd: hij stinkt. Ook geen goed teken.
Als we weer naar buiten stappen horen we een vrouwenstem over de intercom van de deurbel praten. Het is de melder die via de camera in de bel één en ander waargenomen heeft. We praten even met mevrouw en gaan dan naar de bus.
Daar controleren we of er een chip aanwezig is. Geen chip. Indachtig voorgaande ervaringen besluiten we eerst bij het asiel langs te gaan en daar advies in te winnen. Voor ons is het dier een vraagteken en advies op het asiel is goedkoper dan van een dierenarts. Daar kunnen we altijd nog naar toe.
Op het asiel trekt de dienstdoende dierverzorger eerst dikke lashandschoenen aan en bekijkt het dier. Dierverzorger weet het ook niet, oppert een aantal mogelijkheden en vraagt telefonisch advies aan haar chef. Uiteindelijk wordt besloten het dier toch maar naar een dierenarts te brengen. Dienstdoende dierenarts, het is zondag vandaag, wordt opgebeld en we kunnen langskomen.
De dierenarts zit in een dorp op twintig minuten rijden. Als we daar aankomen zit de arts al te wachten. Als we de transportbak openmaken en het dier er uit willen halen springt hij uit de bak en zet hem op een lopen. Niet ver, want één van de regels van een dierenartsenpraktijk is dat je altijd de deur dichtdoet. Je weet maar nooit.
Kat verstopt zich achter een bureau. Ik op de knibbels erbij en grijp hem weer in de kladden. Op de behandeltafel en plat drukken. Zo kan de arts in ieder geval iets doen. Hart en longen lijken goed. Beest is sterk vermagerd en ademt een beetje moeilijk waardoor de arts aan een mogelijke niesziekte moet denken. Zeker is dat niet zonder nader onderzoek. En dat gaat niet want daar is het dier te bewegelijk voor. Echt onderzoek kan alleen onder narcose, volgens de arts. Ook ziet zij dat het dier geen ondergebit meer heeft. Dat is, hoogstwaarschijnlijk door een andere arts, verwijderd.
Conclusie is dan ook dat het toch een tamme kat is die mogelijk de eigenaar is kwijtgeraakt. Maar zonder verder onderzoek kan de arts weinig doen. Haar advies is dan ook om hem terug te brengen naar het asiel en daar een tijdlang in observatie te houden.
Wij terug naar het asiel. Dezelfde dierverzorger neemt het dier in ontvangst met de bemerking dat de arts het dier wel héél vluchtig heeft onderzocht. “Dat hadden we hier ook wel kunnen doen”. Niet gezegd maar wel gedacht: “Waarom heb je dat dan niet gedaan”? Goed, het dier wordt onder observatie gehouden en de andere dag zullen we wel zien hoe er mee gaat.
Ondertussen is de batterij van de bus al weer aardig leeg, vandaar dat we weer even aan de laadpaal gaan. Tegelijk een bak koffie gedaan. Onderweg naar huis gaat de telefoon. Nieuwe melding.

20-06-26 11:07:17 - Quote! - @Emmo
Emmo
Stamgast


WMRindex: 73.146
OTindex: 28.927
11.2. Uitgezet
Die nieuwe melding gaat over een vogeltje dat bij een plaatselijke hamburgertent op de rug liggend is aangetroffen. Op het moment dat de melding binnenkomt kunnen we nog makkelijk deviëren. We gaan dan ook via de snelste route richting vogeltje.
Het parkeerterreintje tegenover de hamburgertent staat vol, tenminste, de vrije plekken zijn te smal voor de vrij brede bus. Dus rijden we iets verder tot de parkeerplaats van de meubelboulevard. Dat scheelt misschien 20 meter en dat kunnen we nog wel lopen.
We gaan naar binnen, even kijken waar we moeten zijn, ik ben hier voor het eerst en volgens mij chauffeur ook, en dan zien we de toonbank. Door een man erachter worden we naar achteren geleid, naar de kombuis. Daar is, afgescheiden, een kantoortje annex opberghok.
In dat kantoortje resideert het vogeltje. Vogel uit de doos. Het blijkt een jonge mus, zo goed als vliegvaardig. Het vermoeden is dat ‘ie bij zijn eerste vliegpogingen op de rug is beland en toen gevonden. We zien niets mis met het beestje, behalve dan dat ‘ie nog aardig jong is.
Beestje in de meegebrachte bak, mensen bedankt voor de melding en wij terug naar de bus. Daar bellen we de opvang. Opvang zegt dat als ‘ie al goed in de veren zit we hem rustig vrij kunnen laten. Dan vindt ‘ie z’n weg wel.
Zo gezegd zo gedaan. In de struikjes naast de parkeerplaats het beestje uit de box gehaald en tussen de struiken gezet. In no time verdween het beestje tussen de groeisels. Klaar.

29-06-26 13:18:27 - Quote! - @Emmo
Emmo
Stamgast


WMRindex: 73.146
OTindex: 28.927
11.3. Kale kop
Net als ik de koffiemachine wil aanslingeren gaat de telefoon. De eerste melding van de dag. De melding was over een vogeltje dat een tik van een auto had gehad en verdwaasd op de weg was blijven zitten. Melder had het dier opgepakt en mee naar huis genomen.
Chauffeur komt me ophalen en we gaan onderweg. Het adres is voor ons aan de andere kant van de stad, bij het industrieterrein. Mevrouw heeft het dier in een doosje onder de carport gezet. Ze moet naar de kerk maar we kunnen het dier zo ophalen.
Als we de straat inrijden zijn het gewone, alleenstaande huizen. Even zoeken nar het juiste huisnummer. Het nummer dat we hebben moeten staat ietsje landinwaarts en is verscholen achter dik struweel.
Maar voor de rest klopt het als een zwerende vinger. Als ik de oprit op loop zie ik op een tafeltje een kartonnen doos met een dikke steen er bovenop. Gevonden. Ik open de doos voorzichtig en tezelfdertijd komt er een stem vanachter de tuindeur. Mijnheer blijkt wel thuis te zijn.
Ik haal de vogel uit de doos. Een jonge kauw met een kale plek op de kop. Het lijkt mij dat ‘ie eerder door een andere vogel te grazen is genomen dan dat ‘ie een tik van een auto gehad heeft. In ieder geval is hij aardig levendig. Dat maakt het een twijfelgeval, tenminste voor ons.
Die kale plek lijkt me niet ernstig. Het ziet er gek uit maar dat is ook alles. Het dier is levendig. Ik denk aan uitzetten, maar het probleem is waar. Mevrouw de melder heeft het dier op straat gevonden maar is niet aanwezig om aan te geven waar ze het dier gevonden heeft. Mijnheer weet van niets, alleen dat z’n eega met een vogel thuiskwam.
Dan toch maar naar de opvang. Maar ondertussen is er alweer een melding binnengekomen.

30-06-26 11:26:42 - Quote! - @Emmo
Emmo
Stamgast


WMRindex: 73.146
OTindex: 28.927
11.4. Meeuwen op ‘t platje
Die nieuwe melding gaat over twee jonge meeuwen die op een balkon verzeild zijn geraakt en er niet meer vanaf komen. Omdat die kauw het nog wel even uithoudt besluiten we eerst naar de meeuwen te gaan. De melder zou een oudere man zijn en hoe eerder die van die krijsbeesten af is hoe beter.
We gaan onderweg en ik bel naar de melder om te zeggen dat we er aan komen. Mijnheer neemt op en zegt dat hij met de auto onderweg is maar dat ‘ie met vijf minuten thuis is. Dat is ook onze ETA (Estimated Time of Arrival). We zullen elkaar wel voor de deur ontmoeten.
Het adres is binnen de binnenste ring van de binnenstad. Het oude, middeleeuwse, gedeelte. Die straatjes zijn véél te nauw voor de dikke bus, we zetten die dan ook op een invalidenplaats aan de gracht. Die was tenminste vrij. De rest was, zo dicht bij de kerk op zondag, allemaal bezet.
Als we uitstappen komt er een oude man met een enorme baard aanlopen. De melder. Die was de laatste paar honderd meter achter ons aangereden. We maken kennis en hij gaat ons voor naar zijn huis. Dat blijkt een winkeltje annex atelier te zijn voor schilderijen en glas in lood. “Allemaal eigen werk”, aldus mijnheer.
We gaan het winkeltje in en volgen mijnheer naar achteren en de smalle trap ophoog naar het balkon waar de meeuwen zitten. Daar wordt de situatie duidelijk, ik heb dat al eens eerder meegemaakt (Boek 4, melding 9.1: Meeuw op ‘t balkon). Het balkonnetje is véél te klein voor de ouders om daar hun jong te voeren. Die ouders cirkelen luid krijsend boven ons.
Ook hier is het de vraag waar we deze jonge beesten het best kunnen plaatsen. Ik vraag mijnheer of er vlakbij een plat dak is waar we op kunnen komen. Dat is er. Ik grijp één van de meeuwen in de kladden. Dan gaan we weer een dek hoger waar nog een balkonnetje is, ik met de gevangen meeuw in de handen. Naast dat balkonnetje is een plat dak op ongeveer twee meter hoog. Net even te hoog om er op te klimmen. Chauffeur komt al achter me aan met een keukentrap, maar dat is niet nodig. Ik zwiep de jonge meeuw met een zwaai op het platje. “Gaat dat zo makkelijk”? vraagt mijnheer.
Zo kan dat inderdaad. De vogel zit dik in de veren en raakt daardoor niet beschadigd. Bovendien fladdert hij met de vleugels om de val te breken, die toch al niet hoog is. Ik gooi het dier niet hoger dan nodig is dus meer dan een centimeter of twintig valt ‘ie niet.
We gaan terug de trap af voor nummer twee. Die heeft zich achter een kast verstopt. Ik jaag hem er achter weg met de stok van ons net en chauffeur verhindert dat ‘ie weer terug achter de kast duikt. Dan kan ik hem met de hand pakken. Die is het daar niet mee eens en pikt me venijnig in de onderarm. Maar dat hoort er bij.
Nummer twee krijgt dezelfde behandeling als zijn voorganger: zwiep het platje op en klaar. Daar kunnen pa en moe meeuw in alle rust hun kroost verzorgen. We praten nog even met mijnheer en dan gaan we terug naar de bus om de kauw naar de opvang te brengen. Opvang sputtert wat tegen: jonge beesten moeten je uitzetten bij het nest en die kale kop is niet erg, dat komt vaker voor. Punt is natuurlijk dat we niet weten waar dat nest is.
Dan kunnen we doorkomen. De beheerder is op de opvang bezig de schade van de de afgelopen nacht op te ruimen. Afgelopen nacht is er een flinke donderbui overheen gekomen. Op de opvang praten we nog even met de beheerder. Die kale komt komt omdat deze vogels vaak in nauwe plekken broeden, zoals schoorstenen. Om er uit te komen schuren ze de veren van de kop. Gebeurt vaak en groeit vanzelf weer aan. Weer wat geleerd. Daarmee gaan we op huis aan. Eerst even de bus aan de lader want de prik is weer laag.

01-07-26 16:26:50 - Quote! - @Emmo
Emmo
Stamgast


WMRindex: 73.146
OTindex: 28.927
11.5. Lieve kitten
‘s Middags komt de derde melding van de dag door. In één van de nieuwere wijken van de stad is een kitten komen aanlopen. Melder heeft al van alles geprobeerd, zonder succes. Goed, dan zullen wij kijken of het dier een chip heeft en of we een eigenaar kunnen traceren. Zo niet, dan naar het asiel.
Een kwartier voor aankomst bel ik naar de melder dat we er aan zitten te komen. We krijgen nadere instructies over het adres: “Er staat een witte auto voor de deur”. Goed, het zal wel. Als het huisnummer klopt hebben we dergelijke instructies, hoe goed bedoeld ook, niet echt nodig.
Een kwartiertje later zijn we er. Bus op een vrij plekje, er staan meerdere witte autootjes geparkeerd, maar met het juiste huisnummer is dat geen probleem. Als we het paadje naar de voordeur oplopen ziet chauffeur al dat we gezien zijn. We hoeven niet eens aan te bellen.
Binnen maken we kennis met vier volwassenen en een halfwas. Twee echtparen en een bijna volwassen zoon, zo lijkt het. De tijger in kwestie ligt rustig in de vensterbank. Ik laat het dier mijn hand ruiken. Niks aan de hand, ik kan het dier rustig van de vensterbank pakken.
Chiplezer vergeten mee te nemen. Dat doen we wel in de bus. De aanwezigen vertellen over hoe ze het beestje hebben aangetroffen en dan lopen we gezamenlijk naar de bus. Daar kijken we of het diertje gechipt is. Niet dus. Dan gaat ze naar het asiel. We vertellen de mensen wat de gewone procedure is. In principe weinig anders dan ze zelf al hebben gedaan: op verschillende media het dier als gevonden publiceren en dan afwachten of er een reactie komt. Lukt dat niet, dan krijgt ze de nodige medische onderzoeken en vaccinaties en dan gaat ze op voor adoptie.
Daarmee nemen we afscheid, stappen in de bus en rijden naar het asiel. Daar zijn we maar net op tijd. Ze waren al aan het afsluiten. De dienstdoende dierverzorger komt net uit de ziekenboeg en is bezorgd vanwege besmettingsgevaar. Dus stoppen wij het dier in één van de quarantainekooien. Bakje natvoer, bakje droogvoer en een bakje water. Die houdt het wel uit tot morgenochtend.
Als we bezig zijn met het afsluiten komt de volgende melding door.

02-07-26 13:28:37 - Quote! - @Emmo
Emmo
Stamgast


WMRindex: 73.146
OTindex: 28.927
11.6. Uilskuiken
Die volgende melding gaat over een jong uiltje dat bij mensen tegenover in een heg lag te spartelen. Ook hier weer van te voren opgebeld. Ook hier weer een gewoon huis in een moderne wijk. Het uiltje is zekergesteld in een kartonnen doos. Chauffeur haalt het dier er uit. Uit voorzorg wel even de dikke handschoenen aangetrokken. Ook een uil heeft stevige klauwen.
Het dier is redelijk rustig maar probeert zo af en toe we de vleugels uit te slaan. We kunnen, ook aan de hand van het verhaal van de melder, geen onvolkomenheden aan het dier bespeuren. Dat wordt uitzetten. De vindplaats is bekend, “Hier tegenover” volgens de melder. Dan is het volgens de diverse deskundigen het beste om het dier in de nabijheid van een stevige boom neer te zetten. Dan kan ‘ie op eigen gelegenheid weer die boom in klauteren. Dat is wat uilen doen. Lees daarvoor bijvoorbeeld takkelingen.
Goed. Probleem voor ons is, wij hebben geen ervaring op dit punt, of de vogel bij een willekeurige boom neergezet kan worden of moet dat speciaal de boom met het nest zijn. Het eerste is natuurlijk stukken makkelijker.
Eerst maar naar de bomen. Die staan vanuit het huis van de melder gerekend aan de overkant van de sloot. Naast die sloot is een perkje met een stuk of wat essen. Chauffeur zet het beestje naat één van de bomen en ik bel naar de opvang voor advies. Eerste opvang geeft geen gehoor, maar de tweede, in de grote stad, zegt duidelijk dat het niet uitmaakt. Ook een es, met z’n gladde stam, maakt niet uit. Dat redt zo’n beest wel.
We laten het dier zitten en gaan van een afstandje staan kijken of hij wat doet. Noppes. Beest blijft rustig onderaan de boom zitten. We lopen nog een stukje verder. Het beest houdt ons duidelijk in de gaten, maar doet verder niets.
We geven het op en gaan terug naar de bus. Chauffeur rijdt terug naar de bomen en zet de bus in een zijstraatje neer. Nu kunnen we het uiltje vanuit de bus gadeslaan. Een paar nieuwsgierige ekster hippen eromheen maar voor de rest gebeurt er niets. Uiteindelijk geven we het op. We sluiten de rit af, melden naar de centrale en gaan op huis aan.

03-07-26 11:44:48 - Quote! - @Emmo
Emmo
Stamgast


WMRindex: 73.146
OTindex: 28.927
11.7. Zwarte zwaan
De volgende dag krijgen we weer een melding. We hebben dit keer twee dagen achter elkaar dienst. Één van de collega’s is op medische gronden afwezig en wij vallen voor hem in. Weer wat bijzonders. In het buitengebied is een zwarte zwaan gezien. Dier is goed benaderbaar en eet van een schoteltje brood op het gazon. Brood is niet goed voor vogels in het algemeen. Het vult wel maar er zit teveel vet en zout in en te weinig nuttige voedingsstoffen. Granen, zoals kippenvoer, of mais zijn beter geschikt.
Volgens melder ziet het dier er niet goed uit. Vanuit het buitengebied is dat een veeg teken. Mensen in een buitengebied zijn bekend met beesten en weten hoe ze er uit horen te zien. Voor ons klinkt het dan serieuzer dan een vergelijkbare melding uit een stadsplantsoen.
We gaan onderweg. We zijn druk aan de klets en rijden in eerste instantie het weggetje naar de uiterwaard voorbij. Het buitengebied is in dit geval een voormalige uiterwaard van de oude Zuiderzee. Later is het permanent ingepolderd en is nu grotendeels boerenland doorsneden met geulen en slootjes.
Keren en opnieuw aanrijden. Dit keer lukt het wel. In dit buitengebied zijn de weggetjes aardig smal en we moeten een aantal malen uitwijken voor tegemoetkomende trekkers. Vanwege de slootjes kun je niet overal de berm in. Voor je het weet lig je op de kop in zo’n sloot. Maar als je rekening houdt met elkaar is het best te doen.
Een paar haakse bochten en afslagen verder komen we bij de boerderij van de melder. Chauffeur zet de bus tussen twee schuren, we stappen uit en gaan op zoek naar de melder. Natuurlijk lopen we verkeerd om en komen aan de achterkant terecht. Maar mevrouw ziet ons door het raam en komt naar buiten.
Waar zit de zwaan? “Daarnet zat ‘ie nog hier op het gazon en had ik hem wat brood gegeven. Maar dat mocht niet van m’n dochter”. Slimme dochter. Wij op zoek naar de zwaan, melder inclusief. Chauffeur loopt langs het met ruigte omzoomde slootje langs het gazon en ik maak een omweg langs een kippenweitje annex kippenhok. Dan ziet chauffeur de zwaan tussen de ruigte door in het weiland aan de andere zijde van de sloot. Gevonden. Nu nog vangen.
Ik vraag de melder waar of het dammetje is naar het weiland. Dat ligt een stukje verder aan het eind van het, vrij grote, erf. Gedrieën lopen we die kant op. Melder vraagt of we het zo redden. We gaan het in ieder geval proberen. Voorlopig hebben we melder daarbij niet nodig.
Chauffeur loopt langs de sloot in de richting van de zwaan en ik steek met een ruime boog het weiland over. Zwaan waggelt met een behoorlijk tempo voor ons uit. Er zit nog zeker een meter of veertig tussen.
Ik maak een bocht om de zwaan in te sluiten. Dan laat de zwaan zich in de sloot glijden en verdwijnt uit het zicht in de ruigte. Mooi zo. Dichter dan een meter of dertig zijn we niet nabij geweest. We overleggen. ‘t Is geen doen op deze manier. We komen niet genoeg dichtbij om hem op de vleugels te jagen en kunnen dus niet controleren of hij al dan niet kan vliegen. Hij is mobiel genoeg en kan ook zwemmen. In dit gebied komt ‘ie prima aan z’n kostje. Niks aan de hand zou je zeggen.
Enige punt is het verhaal van de melder die op een boerderij woont en heel goed weet hoe een zwaan er uit ziet. Als die aangeeft dat er wat mis mee is nemen we dat serieus. Bovendien is een zwarte zwaan een exoot die normaal in het wild niet voorkomt. Hij kan net als de gewone knobbelzwaan overleven, dat is het punt niet. Maar het is waarschijnlijker dat ‘ie ergens uit een wildpark of plantsoen ontsnapt is. Melder had daarover op de buurtapp al rondgevraagd maar geen reactie gekregen.
Maar als wij hem niet te pakken kunnen krijgen kunnen we ook verder niets. We geven melder het advies om gewoon door te gaan. Als het dier weer opduikt kan ze er misschien een net overheen gooien en dat net met stenen verzwaren. Dan kan ze ons bellen en kunnen wij verder kijken. Nog even over dat brood. Mevrouw heeft een ruime voorraad kippenvoer in de schuur liggen. Daar kan ze het mee proberen. Beter dan brood in ieder geval.
Daarmee nemen we afscheid en gaan terug op huis aan. Verder geen meldingen meer gehad.

06-07-26 12:30:03 - Quote! - @Emmo
Emmo
Stamgast


WMRindex: 73.146
OTindex: 28.927
12. Kat op ‘t kerkhof
12.1. Vangkooi niet ontvangen

Weer een nieuwe dag met nieuwe kansen. Het begint met overgebleven meldingen van de vorige dag. In de andere regio, we hebben er weer twee vandaag, moeten we een vangkooi uitzetten. Darna in dezelfde plaats een kat inspecteren. Die is aan komen lopen. Tot slot een meerkoet in onze eigen regio.
Eerst maar eens die vangkooi. Dat is een gecompliceerde geschiedenis omdat het gaat om een kat met meerdere kittens. Moeder en kroost moeten bij elkaar blijven dus dienen die gezamenlijk gevangen worden. Normale techniek is eerst de kittens te pakken nemen en die vervolgens als lokmiddel inzetten om de moeder te vangen. Andersom is een stuk lastiger.
Probleem is de leeftijd van de kittens. Als die al wat ouder zijn, zijn ze moeilijk te vangen. Bovendien wil je ze wel allemaal hebben. Als je er eentje mist en je neemt wel de moeder mee maakt het kleintje geen enkele kans.
We hebben en adres met de vermelding dat de dieren zich op een plaatselijk kerkhof ophouden. We halen eerst een vangkooi uit het asiel. Het is een voor ons nieuw model dus eerst even puzzelen hoe deze contraptie nu weer in hemelsnaam werkt. Maar met wat uit proberen komen we er achter. Op naar ‘t kerkhof. Onderweg bellen we naar het opgegeven telefoonnummer om te vertellen dat we er aan zitten te komen. Geen gehoor.
Op het opgegeven adres aangekomen blikt het een omgebouwde boerderij. We bellen aan en een jonge jongen doet open. Vragende blik in de ogen. Jongen weet van niets. We bellen de centrale die zegt dat als ze op het adres niet weten en het telefoonnummer geeft geen antwoord we verder ook niet kunnen uitrichten. We kunnen dan ook naar de volgende.

07-07-26 12:10:07 - Quote! - @Emmo
Emmo
Stamgast


WMRindex: 73.146
OTindex: 28.927
12.2. Siamese sering
Het volgende adres is in dezelfde plaats. Het gaat over een kat die op straat is aangetroffen en een verloren indruk maakte. Melder had het dier mee naar huis genomen en voer en water gegeven. Aan ons de taak om de situatie te beoordelen en het dier bij voorkeur een belbandje om te doen.
Een belbandje is een papieren strip met een telefoonnummer er op. De bedoeling is dat we zo’n dier een bandje om de hals doen. Komt ‘ie terug bij de eigenaar kan deze dat nummer bellen om door te geven dat alles met het dier in orde is. Lukt dat niet dan komen we het dier na een paar dagen alsnog ophalen.
Een belbandje heeft de voorkeur. Ten eerste heeft de eigenaar daar geen kosten van, ten tweede scheelt dat in de opvangplaatsen in het asiel. Rond deze tijd, vroege zomer, eind lente, zit het asiel stikvol.
Met een paar minuten zijn we ter plaatse. Het is een beetje kruip-door-sluip-door maar wel te vinden. We bellen aan en mevrouw doet open. Dat kat in kwestie zit ter beveiliging in een kooi in de woonkamer. Er zijn twee honden aanwezig, vandaar.
Het is een prachtig beest met overduidelijk siamees bloed, maar zo te zien geen volbloed. De kleur is een zacht blauw-roze pastel, volgens chauffeur “lilac”, in goed Nederlands “sering”. Chauffeur haalt het dier uit de kooi en ik kijk of ze gechipt is. “Ping”! Gechipt. Nummer controleren in Chipnummer.nl. Geen registratie.
Het dier is zo tam als wat en blijft rustig bij chauffeur op de arm liggen. Chauffeur is weer helemaal verliefd. Dat is niets bijzonders, dat is ze meestal als het om katten gaat. Alleen een kater die ik tijdelijk uit het asiel heb, daar vind ze niets aan. “Net een koe”. Het dier is zwart-wit gevlekt, vandaar.
Het dier mankeert zo op het oog niets en is zo tam als wat. Een geschikte kandidaat voor een belbandje. We leggen de procedure uit aan de melder en haar echtgenoot en ik doe het beest het bandje om. Melder vindt het belbandje maar niets, maar accepteert onze uitleg. Ze had het dier midden op straat gevonden en opgeraapt om te voorkomen dat ze overreden zou worden. Verdwaald, is haar diagnose.
Met de melder lopen we naar de plaats waar het dier gevonden is. Op de stoep naast een perkje zet chauffeur het dier op de grond. Ze kijkt even om zich heen loopt een stukje de ene kant op en dan de andere. Beest weet overduidelijk niet waar ze heen moet en blijft bij ons in de buurt.
Melder heeft gelijk. Overduidelijk verdwaald. Maar zonder registratie komen wij er ook niet verder mee. Maar dat het goed gaat komen met het beest, daar hebben we gerede twijfels over. We overleggen even en besluiten dan toch maar het dier naar het asiel te brengen. Tenslotte is een van de bestaansredenen van een dierenasiel het opvangen van verdwaalde beesten.
Chauffeur pakt het dier weer op en lopen naar de bus. Kat in een transportbak en klaar.
We rijden eerst naar het asiel om de kat weg te brengen. Daar komen we toch min of meer langs onderweg naar de volgende melding.
Op het asiel staan ze, zoals verwacht, niet te juichen. Er is nog precies één kooi over waar het dier opgevangen kan worden. De volgende heeft pech, daarvoor moet een andere oplossing gevonden worden.
We gaan door naar de volgende melding.

07-07-26 12:21:39 - Quote! - @Spotcatus
Spotcatus
Erelid


WMRindex: 948
OTindex: 3.193
@Emmo: Mij is overkomen dat mijn kat was gevonden maar dat ze twee cijfers van het chipnummer hebben omgedraaid waardoor ze dachten dat de chip niet geregistreerd was. Ik heb ternauwernood kunnen voorkomen dat hij geadopteerd werd! Gelukkig hield ik alle sites in de gaten ondanks het (blijkbaar onterechte) vertrouwen dat hij niet in een asiel kon zitten want dan zou de chip worden uitgelezen....Het zou standaard moeten zijn dat zo'n chip als hij niet geregistreerd staat nog een keer (of vaker) door iemand anders wordt uitgelezen! Dan is de kans daarop kleiner.

07-07-26 12:56:38 - Quote! - @Emmo
Emmo
Stamgast


WMRindex: 73.146
OTindex: 28.927
@Spotcatus: Is mij ook wel eens overkomen. In dit geval hebben we het nummer gefotografeerd en de invoer dubbel gecontroleerd.
Zo gauw een kat in het asiel komt wordt de chip nógmaals gecontroleerd, juist om dit soort stommiteiten te voorkomen.
Maar het komt inderdaad wel eens voor. Met een chipnummer van 15 cijfers maak je gauw een fout.

07-07-26 17:10:12 - Quote! - @allone
allone
Oudgediende


WMRindex: 55.280
OTindex: 98.778
@Spotcatus: goed dat je zo alert was

Je moet ingelogd zijn om te kunnen reageren!

1 2 3 [4]

WMRphp ver. 7.1 secs - Smalle versie - terug naar boven