Het is als een puzzel waarvan de stukjes nét niet helemaal in elkaar passen, maar waar met wat brute kracht toch nog wat te maken is: de nederzetting die een zekere ‘luitenant Nixon’ met zijn bemanning in 1832 zou hebben aangetroffen in de binnenlanden van Australië. Mocht ooit blijken dat deze nederzetting echt bestaan heeft, dan werpt dat een geheel nieuw licht op de geschiedenis van Australië – en vooral op de eigendomsclaim uit het verleden. ‘Dan waren we de eerste, en is Australië eigenlijk van ons.’
Opmerkelijk is vooral de witte huidskleur van de circa tweehonderd bewoners, die onderling een soort oud-Hollands spraken, die de luitenant zou hebben aangetroffen. Deze wonderlijke geschiedenis begint op 15 mei 1832, als 'Nixon' met zijn groep mensen, die voornamelijk uit soldaten bestond, van Singapore naar Australië afreist, om daar vanuit het noorden de binnenlanden te verkennen.
‘Als die kolonie waar Nixon op stuitte inderdaad bestond, waren ‘we’ de eersten en is Australië toch van ‘ons’.’
Martijn Manders, maritiem archeoloog
Ook tegenwoordig is dat nog een barre tocht, zegt Martijn Manders, maritiem archeoloog voor het cultureel erfgoed en professor aan de Universiteit Leiden. Want naast alle dieren die levensgevaarlijk kunnen bijten en prikken, moest de luitenant onbegaanbare gebergten trotseren. Zonder water, zonder schaduw en zonder mensen. Nixon bereikt na een pittige tocht de top van een heuvel, van waaraf hij in de verte een soort oase met kleine eilandjes in een brede rivier gewaarwordt, mét de kluwen krioelende wezens.
Manders schetst de barre tocht van 'luitenant Nixon', die bij het bereiken van de vallei vanuit de heuvels mensen treft die aan het vissen zijn. De eerste die hij in levenden lijve tegenkomt, is een witte man. Doordat Nixon een aantal jaar in Nederland op school heeft gezeten, kan hij herleiden dat een soort oud-Hollands wordt gesproken. De man vertelt dat in totaal zo'n driehonderd mensen rond die oase wonen, allen afstammelingen van Nederlandse schipbreukelingen van een scheepsongeluk 170 jaar eerder, voor de Australische kust.
Dat zou een schip zijn geweest met tien zusters, en verder uitsluitend mannen, die in de binnenlanden een samenleving hadden gesticht en zich in leven hielden met het eten van onder meer wortelknollen. Ze beleden – en belijden in 1832 nog altijd – een christelijke religie, en communiceren gebeurt in enigszins verwaterd Nederlands. De man spreekt over milities waar kinderen vanaf tien jaar al voor geronseld worden. En de kleren? Die zijn gemaakt van huiden, opgedirkt met kaketoeveren, zegt Manders. 'Je ziet het helemaal voor je.'
Omdat Nixon een logboek bijhoudt, is een en ander uit die tijd bewaard gebleven. Australië is in die tijd aan de oostkant gekoloniseerd door de Engelsen, die een groter gebied willen gaan claimen, net als overigens de Fransen, Scandinaviërs en uiteindelijk ook de Nederlanders, in de 19de eeuw. Het initiatief daartoe komt van koning Willem I, en eigenlijk is hij dan al veel te laat.
Ténzij die kolonie waar Nixon op stuit inderdaad heeft bestaan: dan waren 'we' de eersten en is Australië toch van 'ons'. Maar onduidelijk is van welk schip deze mensen dan oorspronkelijk afkomstig zijn. De enige bekende bijzonderheid is de aanwezigheid van tien vrouwen en een afstammeling van Van Baerle. Enkele jaren geleden kwam professor maritieme geschiedenis Femme Gaastra erachter dat slechts één schip aan die voorwaarden voldoet: de in 1708 op de Indische Oceaan gezonken Concordia.
In 1629 verging de Batavia op zo'n 80 kilometer voor de Australische kust, waarbij een aantal mensen met een klein bootje naar Batavia voer om hulp te halen. Maar ook de Zeewijk, de Vergulde Draak en de Zuidhoorn vergingen. De afgelopen jaren is er van die tweede een overlevingskamp gevonden in een grot. Maar ondanks alle bekende details is van de kolonie nooit bewijs gevonden.
Er zijn wel degelijk coördinaten genoteerd, zodat de locatie van deze 'paradijselijke scène' in principe eenvoudig te achterhalen zou moeten zijn. Maar de geboekstaafde positie doet volgens Manders in niets denken aan de 'paradijselijke' beschrijvingen van de luitenant. 'Dan kom je terecht in een enorm droog gebied, zonder bergen. Dat is in ieder geval geen gebied waar je het heel lang kunt volhouden.'
Twee gebieden lijken op de omschreven plek, maar die waren toen eigenlijk nog niet ontdekt, en er is uiteindelijk helemaal niets aangetroffen. De Concordia verging bovendien slechts 124 jaar voor de ontdekking van de kolonie, en zo zitten overal wat rarigheden – puzzelstukjes die nét niet blijken te passen, tenzij je heel hard drukt. En het logboek, dat is überhaupt nooit gevonden. Zelfs het bestaan van Nixon staat nog niet helemaal vast: bij vier mogelijke kandidaten klopt er net een eigenschap niet.
Toch werd het verhaal destijds wereldnieuws - behalve in Nederlandse kranten. Om te beginnen was het de Leeds Mercury die er in 1834 over publiceerde, en dat breidde zich uit tot media in Zuid-Afrika en uiteindelijk ook in het Australische Perth. Een journalist van 'near Halifax' wordt genoemd als mogelijke 'bedenker' van het verhaal, maar Manders ziet eerder een politiek doel om het verhaal te maken.
Daarvoor zijn drie hoofdrolspelers van belang, zegt Manders: gouverneur James Stirling van de Swan River Colony, de eerste kolonie in West-Australië uit 1829. En dan is er nog de jonge ontdekkingsreiziger en cartograaf die tegelijkertijd met Stirling aankwam. Ten slotte is er nog 'meneer Maslin', eveneens een oud-militair, die gefascineerd is geraakt door Australië, waar hij overigens zelf nooit geweest is. 'Dat zijn de drie hoofdrolspelers van dit politieke verhaal.'
Intussen lijdt de nederzetting, terug in 1832, een zieltogend bestaan, met te weinig mensen en te weinig geld, en Nixon wil extra Britse steun voor de kolonie en gaat daarvoor terug op de boot naar Engeland, precies in de periode dat ook de Hollanders het gebied in het vizier krijgen.
Al met al heeft het veel weg van een heel goed opgezette achttiende-eeuwse pr-campagne, zegt Manders. 'Door te beschrijven hoe mooi die Australische binnenlanden waren, hoopte men meer Engelse interesse te wekken voor het continent, meer dan alleen een strafkolonie, het stichten van boerderijen en het produceren van goederen voor het vaderland.'
'We zijn er nu wel nog steeds mee bezig, zonder het naadje van de kous te weten. Dus ik denk dat het inderdaad een heel goed opgezette pr-campagne is.' Tenzij het logboek van Nixon alsnog opduikt. 'Dat zou heel interessant zijn, dat interesseert de geschiedenis van Australië wel een beetje.'
Afbeelding
