Ondanks dat het ijs er sneller smelt dan in anderen gebieden, worden de ijsberen die op Spitsbergen leven juist dikker. De dieren zijn molliger geworden door prooien op het land, blijkt uit onderzoek.
IJsberen leven alleen in het Noordpoolgebied, op plekken waar genoeg zee-ijs is. Dat ijs hebben ze nodig om op zeehonden te jagen, hun belangrijkste voedselbron. Uit eerdere onderzoeken blijkt dat ijsberen het moeilijk krijgen als het zee-ijs door klimaatverandering afneemt: ze worden minder fit en de populaties gaan achteruit.
Maar de populatie in de Barentszzee (onder andere rond Spitsbergen) was nog niet onderzocht. En wat blijkt: terwijl daar het zee-ijs sneller verdwijnt dan in andere gebieden, komen de ijsberen er sinds het jaar 2000 juist aan. Wetenschappers hadden er eigenlijk een negatief effect verwacht.
"De verbetering van hun lichamelijke conditie tijdens een periode van aanzienlijk verlies van zee-ijs was een verrassing", zegt een wetenschapper van het Noorse Poolinstituut.
De dieren zijn molliger geworden door prooien op het land, zoals rendieren en walrussen, blijkt uit het onderzoek. Door de warmere temperaturen is het ook makkelijker geworden om op ringelrobben (familie van de zeehond) te jagen, die zich nu in kleinere zee-ijsgebieden ophouden.
Ook concluderen de onderzoekers dat de energiebalans van ijsberen, dus hoeveel energie ze binnenkrijgen en verbruiken, afhankelijk is van een complex geheel aan factoren. Dus niet alleen van het zee-ijs.
De resultaten voor Spitsbergen betekenen volgens de onderzoekers overigens niet automatisch dat het goed gaat met ijsberen overal. Andere gebieden kunnen heel andere omstandigheden hebben.
Moderator
Je moet daar (volgens national geografic) pepperspray bij je hebben tegen eventuele ijsberen.

