Een zetschipper die afgelopen jaar op staande voet werd ontslagen omdat hij de lingerie van vrouwelijke bemanningsleden stal en onderplaste in zijn hut, krijgt zijn baan niet terug.
De man stapte na zijn ontslag naar de rechtbank en wilde weer aan de slag, maar de rechtbank Midden-Nederland gaat daar niet in mee. De man mag geen voet meer aan boord zetten na zijn wandaden en moet tevens een schadevergoeding betalen.
Drugsgebruik, lingerie stelen en onderplassen en slechte communicatie zijn onder meer de reden dat de zetschipper werd ontslagen. De man had notabene een tweede kans gekregen van het schippersechtpaar, maar ging wederom de mist in.
Uit het rechtbankverslag blijkt dat de zetschipper sinds maart 2025 in dienst was op het 110-meter lange binnenvaartschip van een schippersechtpaar. De naam van het schip is niet bekend gemaakt. De man voer als tweede schipper week-op, week-af. De bemanning aan boord bestond tijdens de reis in totaal uit drie personen, een schipper, stuurman en matroos.
Het eerste incident gebeurde binnen twee maanden nadat hij was aangesteld, op 14 april 2025. De vrouwelijke schipper ging de hut van de zetschipper binnen, nadat zij een sterke urinegeur rook en dacht dat haar hond daar misschien zijn behoefte had gedaan. De zetschipper was op dat moment niet op het schip aanwezig. ‘Zij trof een volledig ondergeplaste kamer en matras aan als bron van de urinegeur. Dit was duidelijk niet van de hond. Tijdens het schoonmaken stuitte zij op haar eigen lingerie, die zij al geruime tijd kwijt was. Ook die lingerie zat onder de urine’, zo werd tijdens de rechtszaak verteld.
Desondanks gaf het schippersechtpaar hem nog een tweede kans. De werknemer beloofde beterschap, zou werken aan zijn problemen en zou niet meer in de kamers van anderen komen. Hij verbleef in de hut dichtbij de roef, maar kreeg een nieuwe kamer achterin het schip.
Weer urine
In de zomer was het echter weer raak. Op 14 juli 2025 plaste de zetschipper wederom zijn kamer onder. Niet alleen zijn bed, maar ook de laden eronder zaten onder de urine. Ook werd wederom lingerie aangetroffen van de vrouwelijke schipper en dit keer ook van een ander vrouwelijk bemanningslid. Ook werd drugs aangetroffen.
Dit keer was de maat vol. Hij werd op staande voet ontslagen vanwege het bezit van verdovende middelen en (seksuele) intimidatie. Tevens hielden ze een bedrag van 589,39 in op zijn loon als schadevergoeding.
De verdachte gaf aan dat hij naar een afkickkliniek in Portugal ging, maar ook dat hij het niet eens was met het ontslag en naar de rechter zou stappen. Hij gaf aan dat een drugsverslaving onder chronisch ziek zijn valt en dat je tijdens ziekte, niet ontslagen mag worden.
De rechter maakte korte metten met het verweer van de plassende lingerie stelende schipper. Drugs is niet toegestaan aan boord van een schip en dat was de man ook duidelijk gemaakt door de werkgever. Drugsgebruik aan boord werd niet gedoogd. Een ziektegerelateerde ontslagbescherming geldt niet bij ontslag op staande voet. De man had zich immers niet ziekgemeld en ook niet aangegeven dat hij ‘chronisch ziek’ was.
Dat de zetschipper tot twee keer toe lingerie stal van andere bemanningsleden wordt hem zwaar aangerekend. De rechter kwalificeert dit als ernstige seksuele intimidatie en een zware inbreuk op privacy, veiligheid en seksuele integriteit. Het vrouwelijke bemanningslid waar de man de tweede keer lingerie van stal, heeft tot de dag van vandaag last van het incident. ‘Dit vond plaats op een schip, waar werk- en privéleven noodgedwongen dicht op elkaar zitten en onderling vertrouwen essentieel is’, aldus de rechtbank.
Extra zwaar woog dat de schipper na een eerdere waarschuwing opnieuw in de fout ging en nooit excuses heeft gemaakt.
De rechter was duidelijk: het bezit van drugs én de seksuele intimidatie vormden ieder afzonderlijk al een dringende reden voor ontslag op staande voet. Niet alleen krijgt de zetschipper zijn baan niet terug, hij moet ook ruim 9000 euro aan proceskosten, schadevergoeding en onterecht doorbetaald loon betalen.




