Een 52-jarige vrouw uit Den Haag stapte een psychiatrische kliniek binnen met een wel heel bijzonder probleem: als ze naar mensen keek, veranderden hun gezicht in dat van een draak. Puntige oren, een snuit, reptielenhuid en felgekleurde ogen, zo beschreef ze de hallucinaties. Soms verschenen de draken zelfs uit het niets, zonder dat er iemand aanwezig was.
Volgens de artsen had de vrouw deze ervaringen al sinds haar jeugd. Bij medisch onderzoek leek er aanvankelijk niets bijzonders aan de hand: bloedtesten, een EEG en neurologisch onderzoek waren normaal. Pas bij een MRI-scan kwamen er afwijkingen aan het licht. In de witte stof van de hersenen, vlakbij de zogeheten lentiform nucleus, zagen de artsen littekens die mogelijk waren ontstaan door kleine hersenbloedingen of zuurstofgebrek rond de geboorte.
Die beschadigingen konden leiden tot verstoorde activiteit in de hersengebieden die gezichten en kleuren verwerken. Daardoor zouden de hersenen van de vrouw gezichten verkeerd interpreteren en omvormen tot bizarre reptielachtige gedaantes.
De uiteindelijke diagnose luidde prosopometamorfopsie (PMO): een uiterst zeldzame aandoening waarbij gezichten vervormd worden waargenomen. In sommige gevallen lijkt maar één helft van een gezicht misvormd (hemi-PMO), in andere gevallen raakt het hele gezicht verstoord. Wereldwijd zijn er in de afgelopen honderd jaar slechts 81 gevallen in de medische literatuur beschreven.
Voor de Haagse vrouw kregen de vervormingen een uitzonderlijk karakter: niet demonisch of misplaatst, zoals bij andere PMO-patiënten, maar consequent draakachtig. Waarom juist dat specifieke beeld optrad, blijft voor de artsen een raadsel.
De hallucinaties beheersten haar leven. Een simpel gesprek voeren of iemand aankijken werd een nachtmerrie. “Het beïnvloedde haar sociale contacten en maakte haar dagelijks bestaan ontzettend zwaar”, schrijven de artsen die haar onderzochten.
De vrouw kreeg daarom het medicijn valproïnezuur, een middel tegen epilepsie, migraine en bipolaire stoornis. De drakengezichten verdwenen, maar er kwamen nieuwe hallucinaties voor in de plaats: harde klappen die ze in haar slaap hoorde. Uiteindelijk werd overgestapt op rivastigmine, een middel dat normaal wordt voorgeschreven bij dementie. Daarmee verdwenen de geluiden grotendeels en bleven de visuele hallucinaties beperkt tot een beheersbaar niveau.
Drie jaar later meldde de vrouw dat haar werk en sociale leven weer stabiel waren.
Het geval onderstreept hoe raadselachtig de werking van onze hersenen kan zijn. Een zeldzame aandoening, een handvol littekens in de hersenen en de werkelijkheid verandert in een wereld vol draken.